Eeuwen geschiedenis begraven onder je voeten
Het terrein evolueerde van kloosterplaats in de 16e eeuw, over vestingwerk en tuinzone, tot binnenkort een woonbestemming. Om dit rijke erfgoed goed in kaart te brengen voordat de bouw van Bruis van start gaat, liep er een uitgebreid archeologisch onderzoek.
Waarom archeologisch onderzoek?
Wanneer een nieuw project wordt gerealiseerd op een locatie met potentieel historisch belang, is archeologisch onderzoek verplicht. Dit is niet alleen om het erfgoed te documenteren, maar ook om ervoor te zorgen dat waardevolle sporen niet verloren gaan. Voor Bruis werd daarom een grondige studie in gang gezet om vast te stellen wat er onder de grond schuilt.

De eerste fase: een verrassing onder de oppervlakte
In februari 2026 startte de eerste fase van het proefsleuvenonderzoek. Dit onderzoek moest inzicht geven in de archeologische lagen die zich onder het terrein bevinden.
De bevindingen waren verhelderend: het terrein is in het verleden veel sterker opgehoogd dan vooraf werd ingeschat. Dit had gevolgen voor hoe het onderzoek kon plaatsvinden. Door de grote diepte van de interessante archeologische vlakken – veroorzaakt door alle ophoging – konden deze lagen uit veiligheidsredenen niet grondig onderzocht worden in deze eerste fase. De opgravingskuilen zouden te diep en te instabiel zijn geworden.
Waar komt die ophoging vandaan?

Het terrein kende diverse invullingen door de eeuwen heen:
- 16e eeuw: Kloosterplaats
- 17e eeuw: Deel van de stadsversterking
- 18e-19e eeuw: Tuinzone (zichtbaar op historische kaarten zoals de Ferraris- en Vandermaelenkaarten)
- Begin 20e eeuw: Mogelijk opslagplek voor aarde uit de graafwerkzaamheden van het Keerdok zelf
Deze evolutie, gecombineerd met mogelijk materiaal van het Keerdok-project, heeft geleid tot de aanzienlijke ophoging die nu werd ontdekt. Het is nog niet zeker of deze resten bewaard zijn gebleven onder alle ophoging, maar zoals onderzoeker Ruben Willaert aangeeft: “De opgraving ten noorden van het plangebied laat zien dat op verschillende archeologische niveaus sporen aanwezig kunnen zijn op grotere diepte. Dit geeft hoop dat interessante vondsten mogelijk zijn.”
De recente ophogingspakketten werden intussen afgegraven. Dat gaf de volgende fase van het archeologisch onderzoek meer ruimte. De dieper gelegen lagen konden zo ook veiliger en grondiger onderzocht worden.
Ook hier werden geen resten van het verleden teruggevonden.
Dit is meteen een bewijs dat moderne stadsontwikkeling en erfgoedbehoud hand in hand kunnen gaan. Voordat Bruis kan verrijzen, zorgden we ervoor dat het oude Mechelen niet verloren gaat.

Wonen in dit bruisend (ver)nieuw(d) stadsdeel?
